Leeuwen van, Hans

Home
A. Reportage
B. Planning
C. Historie
D. Verhalen
E. Reunie
F. Administratief

 

   
Geachte mevrouw Soeters,
 
In de bijlage gelieve u een doorweefd verslag van herinneringen aan te treffen over het verleden van 1945 en het heden van augustus 2007. Het zijn m'n persoonlijke ervaringen en belevenissen, niet meer dan brokstukken van de totale complexe belevenissen van een menigte mensen toen en nu.
Ik stuur ze u om twee redenen. Allereerst voor het voortreffelijke werk dat u in de website >hongertochten.org< hebt gestoken, een ware steun voor mijn eigen geheugen. Voorts uit erkentelijkheid voor de vriendelijke steun en wegwijzingen, die u met uw vriendin op de fiets ook aan deze "hekkensluiter" hebt willen geven. Dat zal ik niet snel vergeten! Naar ik hoop kan ik u zo met mijn aantekeningen tot enige wederdienst zijn.
Met vriendelijke groet en hoogachtend,
 
Hans (J.J.C.) van Leeuwen,
Sierduif 31 te Nieuwegein, 3435 BJ
 
From: Piet Bedet  Subject: mijn verjaardag (79ste)

Ha Piet en Tiny, Ha Henny en Maup eveneens, Frieda en Elly niet te vergeten.
Nog bedankt Piet voor je uitvoerige en opgewekte verslag omtrent jullie fietstocht in Gelderland bij Nijmegen en de Ooijpolder. Pittig hoor!
 
In onze felicitatie aan jou voor 5 augustus wees ik je op de web-rubriek www.hongertocht.org over het initiatief van ene Ton van Vugt, geëmigreerd naar de V.S. om een HERDENKINGSTOCHT te organiseren van de hongertochten die velen in het westen maakten in de winter 1944/45 naar het noorden en oosten van het land. Hij zette daarvoor een wandeling in 7 etappes uit van Rotterdam naar Hattem en
maakte daarvoor met behulp van zijn schoonzuster mw. Soeters uit Rotterdam  een knappe webside.

Diverse kranten (o.a. Trouw en de Telegraaf) evenals enige
radiostations schonken daar aandacht aan. Aangezien, zoals ik je schreef, wij destijds in Alphen aan de Rijn óók op pad moesten voor aanvulling van onze te schaarse rantsoenen, wekte dat enige herinnering bij mij. In januari 1945 reden mijn vader en ik voor het eerst naar Aalten in de Achterhoek,
waar vader had gewerkt. Toen de daarbij verworven voorraadjes rogge, aardappels en een enkel eitje + stukje spek weer opraakten (we waren toen thuis met zijn 10-en) gingen we in februari nogmaals, toen vergezeld van mijn oom Maarten, op onze niet al te beste fietsen met houten banden.

Die 2e tocht was zo succesrijk dat we alleen lopend naast onze beladen fietsen terug over de IJsselbrug te Zutphen richting huis konden weerkeren. Nu waren oom Maarten met vrouw en kind in september '44 bij de luchtlandingen verdreven uit Wageningen; enige tijd verbleven zij als evacuees

bij een boer in Klarenbeek bij Apeldoorn. Daar konden wij onze overdaad in bewaring geven en met kleinere vrachtjes verder weer naar Alphen fietsen. De honger noopte ons om die verfoeide rogge toch maar op te halen. Maar hoe?
Voor vader was het te riskant geworden. Hij hád al eens weten te ontsnappen toen hij bij een razzia (voor werk aan versterkingen) met veel mannen was opgepakt.
 
Mijn oom en tante Annie waren met ons nichtje Anneke inmiddels naar Zaandam vertrokken, waar bij familie de voedseltoestand toch beter was. Hans was dus de aangewezen persoon om dat klusje te klaren; maar hoe?
Onze fiets was gesneuveld en het gewicht in Klarenbeek te groot. Nu had vader ( geboren 1899) voor zijn eenmansbedrijf een kleine handkar voor het vervoer van planten en tuingereedschap naar zijn klanten. Dat werd de oplossing; alleen..........voor een magere jongen van 16 jaar iets te
ondoenlijk. Dus zou ook broer Maup meegaan. Wij op pad, begin april twee scharminkels samen; het zou minstens een dag of drie vergen om in Klarenbeek te komen. Vol bezorgdheid liet moeder ons node gaan. Zij had al moeten ervaren dat
haar vader die winter in Rotterdam door kommer en honger in eenzaamheid was overleden, nog maar 68 jaar oud. Het overlijdensbericht bereikte haar pas toen hij al lang en breed begraven was: een afstandje van 40 kilometer was noch voor de
post noch voor ons als gezin snel te overbruggen. 

Onze leeftocht bestond uit roggebrood met een beetje rauwe raapolie (vandaar boven die verfoeienis, maar bloembollen smaken nóg erger! om maar niet van suikerbieten te spreken). In Harmelen mochten we bij een boer - een neef van onze overbuurvrouw - in de schuur slapen, waar zijn kaasbrik stond gevuld met hooi. Maar met Maup ging het niet naar wens; hij kreeg die nacht heftige diarree. In overleg met de
vriendelijke boer besloten we in arrenmoede dat hij terug naar huis zou gaan. Hij zou voorstellen dat onze oudste zus Henny mij achterna zou komen om te helpen duwen bij de terugreis. Zo is het ook gegaan. Net toen ik me met een geladen kar stond af te vragen hoe ik die in vredesnaam over de heuvels van de Veluwerand zou krijgen, kwam ze aanfietsen - op de fiets geleend van mevrouw Vis, onze overbuurvrouw in de Van Velzenstraat. Hulde voor die niet vanzelfsprekende solidariteit! We kwamen goed thuis, ik meestal achter de wagen sturend - je voert het commando of niet - zij trekkend vóór de handkar uit met een touw over haar schouder, meisje van 21 jaar mét MULO diploma en een keurige baan bij de afdeling Debiteuren van een uitgever.
 
Het zal jullie inmiddels wel duidelijk zijn Piet en Tiny waarom dit emailtje ook naar mijn lieve zussen en beste broer gaat. "So not to forget".
 
Nu dan even over de herhaling van de voedseltochten 1944/45; traject van Rotterdam Zuid naar Hattem / IJsselbrug bij Zwolle. Bedoeld als eerbetoon aan al die moeders die hun vaak jonge kinderen - onder de tien - poogden onder te brengen in streken waar nog wél iets te eten was. Dat betrof de noordelijke Veluwe
en boven Zwolle ook Overijssel, Drenthe, Groningen, Friesland. Als ze tenminste het geluk hadden bij de IJsselbrug te worden doorgelaten door barse wachten van de Wehrmacht, de SS of  van de Landwacht (geformeerd uit Nederlandse ingezetenen). Of anderen die over de IJssel vooral bij Zutphen zoals wij naar de Achterhoek en Twente trokken om voedsel voor de thuisblijvers te vergaren en zelf bij te komen van de vermoeienissen met een meest kortstondige verkwikking
van gastvrijheid en rust. Maandenlang dagelijks een lang lint van sjokkende mensen langs de kanten van de wegen, soms een karretje voorttrekkend, een kinderwagen; of fietsend, maar heel vaak ook met alleen een zak over de schouder, kind aan
hun hand. Weinig mannen, vaders, want die vielen ten prooi aan razzia's voor tewerkstelling aan verdedigingslinies of zelfs toen nog in Duitse wapenfabrieken.
 
Een niet geringer eerbetoon aan al die honderden, duizenden mannen en vrouwen, die hielpen, slaaplaats verzorgden, hun voorraden deelden; de magere, vermoeide gezichten opmerkten van soms vele honderden die dagelijks op hun deuren klopten. Die niet moe werden om in oprechte eenvoud van hun hart te doen wat nodig was, te geven wat zij soms zelf maar node konden missen; heel praktische daadwerkelijke barmhartigheid. Again: "So not to forget". Er was vaak ook plaatselijk georganiseerde hulp door Kerken, Rode Kruis verbanden of (heimelijke) Oranjeverenigingen. Ook gemeenten deden het nodige. Op onze eerste fietstocht in januari kozen vader en ik niet de route over Zutphen, maar gingen wij via Hoenderlo en Eerbeek naar Brummen om daar het voetveer naar Bronkhorst te nemen. In een felle sneeuwbui roeide de veerman ons met zijn zware roeiboot naar de overkant. Zo keerden we  vijf dagen later ook weer terug. Het was riskant door de felle stroom, maar we hadden zo geen last van ongewenste belangstelling. Een maand later moesten we met z'n drieën wel over de brug bij Zutphen, want de veerman had zijn diensten gestaakt. Te gevaarlijk: Spitfires van de Engelse luchtmacht op jacht naar Duitse troepenverplaatsingen waren konstant in de lucht en schoten op alles wat op de wegen en het water bewoog.
 
Het vertrek van de herinneringstocht was op zaterdag 4 augustus van een plek in Rotterdam Zuid naar Bergambacht over een afstand van 25 kilometer. Aanvankelijk had ik niet veel zin om mee te gaan: alles was lang geleden en onze eigen route west-oost stond dwars op dit traject van zuidwest naar
noordoost. Maar maandagochtend ging ik toch kijken naar het vertrek van de groep uit Lopikerkapel, dichtbij onze huidige woonplaats in Nieuwegein. Het bleek te gaan om een kleine groep wandelaars, mannen en vrouwen gemengd ongeveer 14 mensen. Het was heerlijk weer, het weidelandschap lag er
schitterend bij. Er was goede begeleiding door een paar volgauto's en enige dames op de fiets, die als wegwijzers en opvang voor achterblijvers optraden. Inmiddels had Maup, die ik had gemaild, gebeld dat hij wel het stuk van Heerde naar Hattem van 8 km op vrijdag wilde wandelen. Of ik ook meeging.
Dat doorbrak mijn twijfels, maar om de "eer" van de broers hoog te houden besloot  ik op dinsdag traject 4 van Driebergen naar Barneveld, lang 26 km, in zijn geheel te gaan wandelen, hopend dat ook te kunnen uitlopen. Het voordeel van die route was dat wij zelf in '45 de weg van Driebergen over Woudenberg naar Scherpenzeel eveneens aflegden.

Destijds hebben wij in Woudenberg zowel op de heen- als de terugweg verschillende malen met veel anderen in een daarvoor ingericht schoollokaal met stro op de vloer overnacht. Het tempo van de groep bleek voor mij te hoog; ik raakte geleidelijk achterop, maar kon bij de ontvangst op het stadhuis van Woudenberg weer bijtrekken. De belangstelling onderweg van fietsers en bewoners was heel boeiend; soms bij de jongeren met hele uitwisselingen van herinneringen uit verhalen van ouders of ander voorgeslacht. Dat kostte wel veel tijd, waardoor ik in Scherpenzeel 7 km op de hoofdgroep was achtergeraakt. Een welgemeende uitnodiging van een volgauto om me een stukje bij te rijden sloeg ik evenwel af: ik wilde het hele traject op eigen voeten volmaken. Van 14.00 tot 17.15 uur heb ik  de 12 restende kilometers naar Barneveld gelopen. HET IS DUS GELUKT, al was het een zware trek.

In de eenzaamheid van het prachtige weidelandschap, afgezoomd met stroken bomen, links en rechts op afstand grote boerenbedrijven kreeg ik alle gelegenheid met mezelf in het reine te komen en verzoend te raken met mijn leven, de plaats die ik inneem en mijn toekomstige lot, welk dat ook mag zijn. Per trein kon ik van Barneveld over Ede-Wageningen terug naar Driebergen, waar ik mijn auto had geparkeerd. De twee dagen daarna speelden mijn kuiten en eigenlijk mijn hele lijf  wel erg op en was het strompelen geblazen. Maar vrijdag  was ik weer fit genoeg om de trein naar Olst te nemen en in de auto

van Maup mee te rijden naar Heerde. Bij het stadhuis aldaar was veel publiek om de aankomst van de (toch wel aangewassen) groep wandelaars welkom te heten.

Die werden gevolgd door een lange colonne originele Amerikaanse legerwagens uit de oorlog; goed onderhouden en bereden door Nederlandse chauffeurs die tegelijkertijd als hobbyïsten eigenaren zijn. Ze hebben zich verenigd in een club

met de naam "Keep them rolling" en luisteren meer bijzondere evenementen op. Maup werd al rap aangeklampt voor een interview en mocht het genoegen smaken door buurtgenoten te worden toegesproken, die hem op de streektelevisie zagen.
Ten stadhuize in Heerde werd het gezelschap hartelijk ontvangen en zeer royaal gefêteerd met koffie, gebak en frisdranken. Twee wethouders traden als gastheer op,
van wie één in zijn kwaliteit van locoburgemeester een heel meelevende en piekfijne herinneringstoespraak tot de vele aanwezigen hield, die recht uit het hart kwam en ook zodanig werd ontvangen. Het antwoord van de initiatiefnemer, Ton van Vugt, was niet minder warm en gemeend.

Maar er moest nog een eindje worden gegaan. Eerst naar een molen aan de grens van Heerde waar iedereen op pannenkoeken werd getracteerd. Het lopen viel me al
filmend - ik had mijn videocamara bij me - toch nog niet mee, weer raakte ik achterop. Helemaal aan het eind van de voertuigcolonne - minstens 30 legerauto's oude stijl - pikte me de jeep van Joop Middendorp op, zoals na de kennismaking bleek, die als rustend vrachtwagenbestuurder deze liefhebberij had opgepakt. Via hem kon ik overstappen achterop bij een "motorordonnans", met motor en kaky canvas jas uit de veertiger jaren ook geheel in stijl. Hij reed me tot voor de stoet. Nu kon ik de hele optocht vastleggen tot ik weer bij Joop belandde en me heel gerieflijk naar de Marken en nog verder naar het stadhuis van Hattem kon laten vervoeren. Glorieus oud-Nederlands Hanze stadje. Zo kon ik ook mooi de sportieve prestatie van mijn broertje filmen, die er met zijn rugzak en uitstekend parapluutje (heeft-ie niet hoeven openvouwen) bepaald martiaal bijliep. Hij wist toen nog niet van die andere verrassing van de verschijning van zijn eerste klein-d o c h t e r Sofie Anna Margriet, want die werd ter aanvulling op drie pientere kleinzoons op 15 augustus geboren, de
47e verjaardag van onze Peter. Gefeliciteerd dus, beide zonen van Jan Christiaan van Leeuwen en Neeltje Groenheiden !
 
Er volgden voor wandelaars en bevolking die avond en de volgende dagen nog verschillende vieringen en ontvangsten; maar die hebben Maup en ik maar niet afgewacht. Met auto - hij - en bus/trein - ik - zochten wij zeer voldaan onze eigen
haardsteden weer op; zoals reeds gezegd  met vertrouwen de toekomst tegemoet.

Gestuurd door Hans van Leeuwen

 

Home Up Bakker, J Bakker, T Beld v/d, E Belle van, D Beneker, G Bredius, R.M. Brinkhaus, J Bunk, H Ferdinandus, R Grindrod, F Haan de, N Hut, W Jonge de, A Kasteel. E Klinge, W Koks, G Leeuwen van, E Leeuwen van, Hans Leeuwen van, Jan Lens, J Makaske-Kuijer, J Meurs, H Molenaar, J Oostwoud v/d Panne Pelt van, G Roggeveen - Vat, I Scholman, C Schut, A Smit, L Stans, A & M Struijs v/d, A Til van, L Swijnenburg, G Valk, C Vugt van, A Walle v/d, F & W


Home | A. Reportage | B. Planning | C. Historie | D. Verhalen | E. Reunie | F. Administratief

 Copyright © 2007 www.hongertocht.org. Material may be used with acknowledgement of source.
For questions regarding this Web site contact webmaster@hongertocht.org. Last updated: 05/19/08.